Een tegen een situaties als keeper: zo benader je de aanvaller
In een tegen een situaties komt alles samen wat een keeper speciaal maakt. Jij en de aanvaller, recht tegenover elkaar. In dat moment kun je met de juiste keuze en houding het verschil maken tussen een doelpunt en een grote redding. In dit artikel kijken we naar hoe je een aanvaller het beste kunt benaderen, waar je op let en hoe je meer vertrouwen krijgt in deze spannende situaties.
Wat is een een tegen een situatie
We spreken van een een tegen een situatie als een aanvaller bijna vrij voor je komt te staan en geen of weinig verdedigers meer in de buurt zijn. Jij bent dan de laatste die een doelpunt kan voorkomen. Dit kan gebeuren na een steekpass, een fout in de verdediging of een snelle omschakeling. Juist in deze momenten is het belangrijk dat je rustig blijft en weet wat je doet.
Een goede keeper wacht niet passief af, maar kiest bewust hoe en wanneer hij de aanvaller tegemoet gaat. Het doel is om het de aanvaller zo moeilijk mogelijk te maken om te scoren.
Basisprincipes in een tegen een situaties
Om sterker te worden in dit soort momenten, is het handig om een paar vaste principes te hebben waar je altijd op terugvalt:
- Blijf zo lang mogelijk staan in plaats van te vroeg te gaan liggen.
- Maak jezelf groot met een actieve houding.
- Verklein de hoek door gecontroleerd uit te stappen.
- Wacht op de actie van de aanvaller en reageer in plaats van te gokken.
Deze basis zorgt ervoor dat je niet overhaast handelt, maar met controle en lef de situatie ingaat.
De juiste startpositie
Een goede een tegen een situatie begint bij je startpositie. Sta je te ver naar achteren, dan krijgt de aanvaller veel ruimte om te schieten. Sta je te ver naar voren, dan kan hij jou makkelijk omspelen.
Let op het volgende:
- Kom een stukje van je lijn af om de hoek te verkleinen.
- Blijf in een lichte keepershouding met gebogen knieën en je gewicht op de voorvoeten.
- Houd je handen voor je lichaam, klaar om een bal te blokken.
- Blijf zo staan dat je nog kunt reageren op een schot en op een passeeractie.
Je startpositie is het vertrekpunt van waaruit je rustig naar voren kunt stappen terwijl de aanvaller nadert.
De aanvaller benaderen: stap voor stap
De grootste fout in een tegen een situatie is vaak te snel uitkomen zonder controle. Je loopt dan het risico dat de aanvaller eenvoudig langs je gaat. Daarom is het belangrijk dat je in stappen naar voren werkt en niet in een wilde sprint.
Gecontroleerd uitkomen
Zo benader je de aanvaller stap voor stap:
- Zodra de aanvaller richting jou komt, zet je kleine passen naar voren.
- Blijf laag in je houding, met je knieën gebogen en je bovenlichaam iets naar voren.
- Houd je voeten actief, zodat je nog kunt stoppen of van richting kunt veranderen.
- Laat geen grote gaten tussen je benen of naast je lichaam ontstaan.
Je wilt dichterbij komen, maar zonder je balans te verliezen. Op die manier blijft de aanvaller twijfelen en heb jij de controle.
Jezelf groot maken
Hoe dichter je bij de aanvaller komt, hoe belangrijker het is dat je jezelf groot maakt. Dat betekent:
- Armen iets van je lichaam af, maar niet zo wijd dat je geen kracht meer hebt.
- Beneden blijven met je heupen, zodat je snel naar een lage bal kunt.
- Borst naar voren, blik op de bal.
Door jezelf groot te maken, laat je weinig ruimte over voor de aanvaller om de bal langs je heen te spelen.
Timing van het beslissende moment
Er komt altijd een moment waarop de aanvaller moet kiezen: schieten, kappen of proberen langs je te gaan. Jouw taak is om zo lang mogelijk te wachten en dan op het juiste moment te reageren.
Wanneer ga je naar de bal
Je gaat pas echt naar de bal op het moment dat:
- De bal iets te ver van de voet van de aanvaller ligt.
- De aanvaller een slechte aanname heeft.
- Je ziet dat hij twijfelt of uit balans raakt.
In dat moment zet je een korte, explosieve actie in richting de bal. Je gaat met je lichaam achter de bal en probeert hem te blokken of weg te tikken.
Wanneer blijf je staan
Je blijft staan als:
- De aanvaller de bal dicht bij zich houdt.
- Hij klaar lijkt te zijn om te schieten.
- Je nog niet zeker weet of je de bal kunt halen.
Door te blijven staan, dwing je de aanvaller om de perfecte oplossing te vinden. Veel spelers raken in de stress als een keeper rustig en groot voor hen blijft.
Lichaamshouding en blokkeren
Op het moment dat de aanvaller schiet of langs je probeert te komen, is je lichaamshouding doorslaggevend.
Blokkeren van een schot van dichtbij
Bij een schot van dichtbij kun je een blokhouding gebruiken:
- Maak jezelf breed met je armen en benen.
- Ga iets door de knieën zodat je laag en stabiel staat.
- Laat je lichaam naar voren vallen in plaats van achteruit.
- Probeer zoveel mogelijk ruimte af te dekken met je lichaam.
Op korte afstand is reageren soms onmogelijk. Door een goede blokhouding verklein je de kans op een doelpunt aanzienlijk.
Voorkomen dat je eenvoudig wordt uitgespeeld
Veel keepers worden in een tegen een situatie uitgespeeld omdat ze te vroeg gaan liggen of te wild uitkomen. Vermijd het volgende:
- Niet te snel naar de grond gaan zonder dat de aanvaller iets doet.
- Niet met gestrekte benen op de grond vallen waardoor je niet meer kunt reageren.
- Niet op de hakken staan, maar altijd op de voorvoeten.
Door geduldig te blijven en je lichaam onder controle te houden, maak je het de aanvaller veel lastiger.
Mentale kant van een tegen een situaties
Een tegen een situaties voelen vaak zwaar aan voor een keeper. Toch is het belangrijk om ze te zien als een kans om te schitteren. Je kunt hier echt uitblinken.
Een paar mentale tips:
- Accepteer dat de aanvaller soms scoort, ook als je het goed doet.
- Blijf rustig ademen en focus op de bal, niet op de uitslag.
- Onthoud de situaties waarin het goed ging en gebruik die als vertrouwen.
Hoe vaker je dit traint, hoe normaler het voelt en hoe meer controle je ervaart in dit soort momenten.
Oefenvormen om beter te worden in een tegen een
Je wordt beter in een tegen een situaties door ze vaak na te bootsen op de training. Enkele eenvoudige vormen:
- Een aanvaller start met de bal op twintig meter van het doel en mag doorlopen om te scoren, jij komt gecontroleerd uit.
- Trainer speelt een steekpass tussen twee pionnen door, de aanvaller en jij gaan tegelijk naar de bal.
- Korte spelvormen met kleine doelen waarbij jij telkens situaties krijgt waarin je moet kiezen tussen uitkomen of blijven staan.
Door dit regelmatig te oefenen, herken je patronen en wordt jouw reactie sneller en zekerder.
Een tegen een als kans om het verschil te maken
Een tegen een situaties blijven altijd spannende momenten, maar het zijn ook de momenten waar keepers naam mee maken. Door de aanvaller slim te benaderen, rustig te blijven en de juiste timing te kiezen, vergroot je de kans dat jij als winnaar uit de situatie komt.
Tijdens keeperskampen besteden we veel aandacht aan deze situaties. In wedstrijdgerichte oefenvormen leer je precies wanneer je moet wachten, wanneer je moet uitstappen en hoe je de aanvaller onder druk zet zonder zelf de controle te verliezen.